
Marktanalyse
De Nederlandse markt analyseren met openbare bronnen
Open data en overheidsstatistieken tonen de structuur van een markt: omzetontwikkeling, werkgelegenheid, innovatie en transparantie. De Rijksoverheid stimuleert hergebruik van overheidsdata.
Wat openbare bronnen voor marktanalyse kunnen opleveren
Open data en overheidsstatistieken tonen de structuur van een markt: omzetontwikkeling, werkgelegenheid, innovatie en transparantie. De Rijksoverheid stimuleert hergebruik van overheidsdata. Digitale Overheid noemt transparantie en accountability, economische en maatschappelijke innovatie, en een effectievere en efficiëntere overheid als voordelen.
CBS noemt data essentieel voor economische groei en innovatie. Innovatief en creatief datagebruik kan nieuwe banen opleveren, maatschappelijke problemen helpen oplossen en processen efficiënter maken. Door data uit verschillende bronnen te combineren, verbeteren bedrijven en instellingen hun productieproces of dienstverlening.
Start bij data.overheid.nl en CBS StatLine
Het Nationale Dataportaal data.overheid.nl ontsluit Nederlandse overheidsdata, zowel open als gesloten. U vindt er datasets per thema: Economie (4.226), Werk (760), Zorg en gezondheid (1.231), Verkeer (1.594), Natuur en milieu (4.877) en Onderwijs en wetenschap (1.616). Op het portaal kunt u zoeken, data-eigenaren benaderen en een dataverzoek indienen.
CBS StatLine is de statistische databank van het CBS. Daar staan bijvoorbeeld de jaarlijkse R&D-cijfers, met een reeks van verslagjaar 2013 tot en met 2023. CBS-publicaties en StatLine vormen vaak een goede eerste verkenning voordat u zich in een deelmarkt verdiept.
Controleer of de bron open en herbruikbaar is
Volgens Digitale Overheid is open data: openbaar op basis van de Wet openbaarheid van bestuur, vrij van auteursrechten of andere rechten van derden, betaald uit publieke middelen, computerleesbaar en voor hergebruik beschikbaar zonder beperkingen of kosten. Aan die kenmerken ziet u of u een dataset zonder juridische of financiële drempels mag hergebruiken.
Open source is iets anders dan open data. Bij open source is de broncode van bijvoorbeeld een website, programma of app vrij beschikbaar; iedereen kan die code lezen, aanpassen en verspreiden. Het beleid voor open source is ‘open, tenzij.’ Open standaarden en opensourcesoftware zijn belangrijk voor meer openheid in ICT-systemen.
Breng de online platformeconomie in kaart
Het CBS definieert online platformen als digitale diensten (websites of apps) die interacties en mogelijk transacties van goederen, diensten of informatie faciliteren tussen twee of meer van elkaar afhankelijke groepen gebruikers. Meestal verkoopt een platform zelf geen producten, maar bemiddelt het. Bekende voorbeelden zijn Airbnb, Uber, Marktplaats, Werkspot, Thuisbezorgd en Facebook.
Uit de Monitor online platformen 2022 blijkt dat de helft van alle online platformen bij een klein bedrijf hoort met één of minder werkzame personen. Een derde van de platformbedrijven zit in de bedrijfstak Informatie en communicatie; de helft daarvan is een Besloten Vennootschap.
Het grootste deel bemiddelt in goederen (32 procent) en diensten (34 procent). Het merendeel (42 procent) richt zich op bemiddeling tussen bedrijven én huishoudens/zzp’ers. Een derde van de platformen biedt een free service.
Bijna de helft geeft de mogelijkheid om de kwaliteit van andere gebruikers, producten of het platform zelf te beoordelen. Een groot deel (69 procent) verzamelt gebruikersgegevens; een derde zet algoritmen in.
Tussen 2015 en 2019 is de omzet van platformbedrijven meer dan verdubbeld. In 2020, het eerste coronajaar, zakte de omzet terug naar het niveau van vóór 2018. In 2021 en 2022 nam de omzet weer toe, met 54 procent voor beide jaren samen.
De verschillen zijn groot: sommige platformen zagen de omzet met meer dan 20 procent stijgen, andere met meer dan 20 procent dalen. Vooral kleinere platformen met een relatief lage omzet in 2020 groeiden in 2021 en 2022 flink.
Het aantal personen dat werkt bij platformbedrijven steeg tussen 2015 en 2019 met 65 procent. In 2020 bleef dat gelijk ten opzichte van een jaar eerder. In 2021 en 2022 was er weer een sterke toename.
In 2022 werkten er 19 procent meer personen bij platformbedrijven dan in 2020. In 2022 hield 13 procent van de online platformen zich bezig met arbeidsbemiddeling. Daarvan richtte 66 procent zich hoofdzakelijk op opdrachten op locatie, 23 procent op online werk en 11 procent op vervoersdiensten.
Hoewel het aantal platformen dat in vervoersdiensten bemiddelt beperkt is, werkt 45 procent van de werkenden via platformen in deze sector.
Het grootste deel van de platformwerkers is zelfstandige, bijvoorbeeld zzp’er. Meer dan de helft krijgt te maken met door het platform gestelde eisen, zoals een KvK-inschrijving, identiteitsbewijs, minimumleeftijd of diploma. Voor ongeveer de helft regelt het platform de afhandeling van de betaling of een verzekering, of geldt een minimum of vast bedrag per transactie.
Minder dan één procent van de bevolking van 15 tot 75 jaar werkt via een online platform. Deze groep is relatief jong: 48 procent is jonger dan 25 jaar.
Cijfers over online platformen zijn schaars. Daarom begon het CBS in 2019 met een onderzoek naar online platformen. Na de eerste jaargang is de methodologie verbeterd, wat resulteerde in een meer systematische en geautomatiseerde methode om een populatie online platformen te bepalen met webscraping en machine learning.
Bemiddelingssector van online platforms (2022)
Sleuteldata in de ontwikkeling van de online platformeconomie
- 2015–2019Omzet verdubbelde, werkgelegenheid stijgt met 65%
- 2020Omzet daalde naar niveau vóór 2018, werkgelegenheid stabiel
- 2021–2022Omzet groeide met 54% samen, werkgelegenheid stijgt weer
- 2019CBS start met systematisch onderzoek via webscraping & machine learning
Analyseer datagedreven markten: data delen, IoT en cloud
De CBS-verkenning naar data delen, Internet of Things en clouddiensten stelt dat data essentieel zijn voor economische groei en innovatie. Innovatief en creatief datagebruik kan nieuwe banen opleveren, bijdragen aan oplossingen voor maatschappelijke problemen en processen efficiënter maken. Voor bedrijven en instellingen kan het combineren van data uit diverse bronnen het productieproces of de dienstverlening verbeteren.
Voorwaarde is dat de benodigde gegevens beschikbaar zijn of op een laagdrempelige manier te verkrijgen zijn. Een brede inzet van data uit diverse bronnen kent mogelijk nog belemmeringen. Het faciliteren van gemakkelijk en laagdrempelig datadelen kan de benutting verbeteren en biedt kansen voor het bedrijfsleven en de publieke sector.
De Europese Unie heeft de Data Governance Act (DGA) en de Data Act (DA) opgesteld om de Europese data-economie te versterken. Deze wetten moeten betrouwbare beschikbaarstelling van data faciliteren, kaders bieden voor datadelen en de rechten op datatoegang reguleren.
De DGA vergroot het vertrouwen bij datadelen, onder meer door het kader voor hergebruik van overheidsdata te versterken en data-altruïstische organisaties te erkennen. De DGA is op 3 juni 2022 gepubliceerd en geldt vanaf 24 september 2023. De DGA stelt ook een kader op voor databemiddelingsdiensten, met een registratieplicht voor bedrijven en organisaties die als databemiddelingsdienst optreden.
De Data Act richt zich op eerlijke toegang tot data en gebruikersrechten. De DA is op 11 januari 2024 gepubliceerd; de meeste bepalingen treden op 12 september 2025 in werking. De DA besteedt onder meer aandacht aan maatregelen rond Internet of Things (IoT).
Voor marktverhoudingen in clouddiensten is de ACM-marktstudie Clouddiensten relevant. De ACM noemt Microsoft Azure en Amazon Web Services de twee grootste partijen in clouddiensten.
Belangrijkste cijfers over clouddiensten (ACM-marktstudie)
- Marktleiders
- Microsoft Azure, Amazon Web Services
- Klantgroep
- Bedrijven en overheidsinstellingen
- Toegankelijkheid
- Beperkt door hoge marktmacht van twee spelers
Voordelen en belemmeringen van datagedreven innovatie
- Voordelen
- Nieuwe banen, efficiëntere processen, oplossingen voor maatschappelijke problemen
- Belemmeringen
- Beperkte beschikbaarheid van gegevens, juridische en technische drempels
Gebruik R&D-statistiek voor innovatie- en kennisintensiteit
Het CBS publiceert jaarlijks cijfers over Research & Development (R&D) in Nederland. De huidige reeks op StatLine loopt van verslagjaar 2013 tot en met 2023. De uitkomsten voor een verslagjaar verschijnen twee keer: in november volgend op het verslagjaar ontvangt Eurostat voorlopige R&D-cijfers voor de Europese verordening. In juli van het daaropvolgende jaar worden definitieve cijfers op StatLine gepubliceerd en ook aan Eurostat geleverd.
Het CBS is verplicht om gegevens over R&D in Nederland aan Eurostat te leveren. Dat is vastgelegd in een verordening van de Europese Commissie. Ook wat er moet worden geleverd, welke variabelen, uitsplitsingen en met welke frequentie, staat in een Europese verordening.
De Frascati manual (2015) van de OESO geldt internationaal als de belangrijkste handleiding voor statistiekproductie over R&D. Deze handleiding telt 400 pagina’s. Naast een uitgebreide R&D-definitie bevat ze voorbeelden van randgevallen, best practices in dataverzameling, methodes om R&D te meten in verschillende sectoren (bedrijven, overheid, hoger onderwijs) en meetmethodes voor R&D-financiering.
Veel landen hebben de definities overgenomen; ze dienen als gemeenschappelijke taal voor wetenschaps- en technologiebeleid en economisch beleid. Oorspronkelijk was de R&D-definitie een OESO-norm, inmiddels is het een erkende wereldwijde norm, ook gebruikt door organisaties die verbonden zijn aan de Verenigde Naties en de Europese Unie, zoals Eurostat. Het CBS heeft uit deze handleiding een beknopte R&D-definitie voor berichtgevers afgeleid.
Met deze R&D-cijfers volgt u de kennisintensiteit van bedrijven, overheid en hoger onderwijs. U vergelijkt innovatieve sectoren. Controleer in StatLine welke uitsplitsingen beschikbaar zijn en of de cijfers voorlopig of definitief zijn.
Verschillen in R&D-statistiek: CBS vs. Europese verordening
- Bron
- CBS
- Definitie
- Beknopte definitie voor berichtgevers
- Methodologie
- Gebaseerd op Frascati manual (OESO), maar aangepast voor Nederland
- Verplichting
- Aanleveren aan Eurostat volgens Europese verordening
Vergelijk de Nederlandse markt met buitenlandse vraag via RVO-databanken
RVO biedt landeninformatie als startpunt voor onderzoek naar buitenlandse markten. Daar vindt u informatie over handelswetgeving, kansrijke sectoren, cultuurverschillen en subsidies. Daarnaast is er specifieke informatie over handelsakkoorden, handelsbelemmeringen, sanctielanden en Europese wetgeving.
De Market Analysis Tools van het International Trade Center (ITC) bieden informatie over buitenlandse markten. Alle Europese ondernemers kunnen ze na registratie op het Market Analysis Tools Portal gratis gebruiken.
Enkele tools: Export Potential Map voorspelt met rekenkundige modellen welke markten de beste exportkansen bieden voor uw product. Trade Map toont handelscijfers (import en export) op productniveau, laat u landen vergelijken en laat zien welke importeurs uw product invoeren. Market Access Map geeft aan waaraan u moet voldoen voor toegang tot een bepaalde markt, zoals invoertarieven, handelsmaatregelen en benodigde documenten en procedures.
Rules of Origin Facilitator biedt informatie over oorsprongsregels bij preferentiële tarieven en procedures voor een certificaat van oorsprong. Investment Map geeft informatie en statistieken over directe buitenlandse investeringen (FDI) voor circa 115 landen. Procurement Map geeft informatie over openbare aanbestedingen en contractgunningen. Daarnaast is er Market Price Information.
Let op verschillen in classificaties. Het ITC gebruikt het HS-systeem (Harmonized System) om goederenstromen in te delen. Het CBS baseert cijfers op de Standard International Trade Classification (SITC-indeling). Houd daarmee rekening als u beide cijfers vergelijkt.
Voorkom definitie- en vergelijkingsfouten
Uiteenlopende definities maken cijfers uit verschillende bronnen vaak moeilijk vergelijkbaar. Voor R&D staat een uitgebreide definitie in de Frascati manual; het CBS gebruikt een beknopte definitie voor berichtgevers. Voor online platformen hanteert het CBS een afgebakende definitie van digitale diensten die interacties en mogelijk transacties faciliteren tussen twee of meer groepen gebruikers. Vergelijkt u platformcijfers met andere marktdata, controleer dan of dezelfde afbakening is gebruikt.
Classificatieverschillen spelen eveneens mee. Het ITC gebruikt HS bij goederenstromen; het CBS hanteert de SITC-indeling. Vergelijk die cijfers niet zonder meer met elkaar.
Let ook op actualiteit en dekkingsgraad. R&D-cijfers verschijnen eerst voorlopig en later definitief. data.overheid.nl beschrijft zowel open als gesloten overheidsdata, dus niet elke dataset is direct herbruikbaar.
CBS, RVO, ACM en data.overheid vullen elkaar aan: CBS voor statistiek, RVO en ITC-tools voor internationale handel en markttoegang, ACM voor marktstudies en data.overheid voor het vinden van datasets.
Onderbouw daarbij uw keuzes: welke definitie, classificatie, periode en versie van een dataset u gebruikt, en of de licentie hergebruik toestaat.


